woensdag 20 maart 2013
Klop op de deur en er zal worden opengedaan.
De HIV positieve vrouw was rond middernacht, ongecompliceerd bevallen. Alleen wilde
ze het kind niet houden. Afstaan ter adoptie leek haar de enige mogelijkheid. Toen ik
over haar hoorde en haar zag herkende ik direct de linkerhand met de hele lange,
felroze, gelakte nagels. De rechterhand was nog steeds ongemoeid gelaten.
Deze vrouw had ik tijdens een van de spreekuren gezien. Ze had als prostitué gewerkt.
Gelukkig was ze aan die business ontsnapt maar ze had momenteel geen werk en
geen huis. Ze sliep bij een vriendin.
We hadden haar verwezen naar het Grace centre waar ze ondersteund kan worden om
een nieuw leven op te bouwen. Grace centre helpt vrouwen onder andere door het
geven van onderdak en het vinden van werk. Ik vroeg de vrouw of ze naar het Grace
centre was gegaan. Drie dagen was ze langsgelopen en had ze op de deur geklopt.
Drie keer was ze weggestuurd omdat de manager niet aanwezig was.
We probeerden te achterhalen waarom deze vrouw haar kind wilde afstaan.De vrouw
voedde haar kind wel zelf. Ze gaf aan dat ze niet wist hoe ze dit kind moest
onderhouden. Ze wilde het kind afstaan en dan elders werk vinden om een nieuw
leven te beginnen. Het feit dat deze vrouw voor haar zwangerschap controles naar
de kliniek was gekomen, haar kind nu voedde in plaats van het op straat te leggen
en aan het lot over te laten, toonde dat ze om dit kind gaf.
We belden het Grace centre of ze plek hadden voor een kind waarvoor nog adoptie
ouders moesten worden gevonden. Ze namen geen kinderen zonder moeder aan.
Na lang navragen bij verschillende mensen kregen we een nummer van het kantoor
dat over vrouw- en kindzaken gaat in Bahir Dar. De vrouw die we aan de telefoon
kregen melde dat ze op vrijdagmiddag niks meer kon regelen en of we de kraamvrouw
niet om konden praten het kind te houden.Dat hadden we al geprobeerd.
De vrouw een weekend in onze kliniek houden leek niet een heel goed idee.
We belden het Grace centre weer en legde de situatie opnieuw uit. Wanneer we
een brief bij het kantoor van vrouw- en kindzaken konden organiseren, dat zij de
adoptie verder zouden regelen, was het akkoord. En zo belden we weer naar het
kantoor. Maar een brief schrijven op vrijdagmiddag was erg moeilijk en of ze de
brief niet op maandag konden regelen. We belden het Grace centre weer, nee ze
moesten echt een brief hebben. Zo belden we weer naar het kantoor, daar hadden
ze de stekker eruit getrokken,geen contact meer mogelijk. Vrijdagmiddag vijf uur,
wat nu?! De man die voor mij in het Amhaars naar de instanties belde had de
oplossing; naar het kantoor gaan en zien of we de juiste persoon te pakken kregen
om de brief alsnog te regelen. We moesten wel meteen gaan en op zijn motor.
Ik fiets er wel achteraan, probeerde ik nog. Dat zou te lang duren zei hij en
zo croste we op zijn motor naar het desbetreffende kantoor, zonder helm en met
wel vijftig kilometer per uur. In het kantoorpand vonden we de vrouw, ze liet
geen enkele blijk van verbazing zien dat we naar haar toe waren gekomen. Het
bleef nog steeds onmogelijk om de brief nu te schrijven. Maar na een paar keer
heen en weer bellen met het Grace centre, ze moest eerst wel even de stekker in
het telefoontoestel steken, was het eindelijk geregeld. Het kind mocht komen en
de brief zou op maandag volgen.
Terug op de motor naar de kliniek. Daarna weer achter op de motor om de bajaj
naar het Grace centre te volgen. We wilden er zeker van zijn dat de vrouw en haar
kind op de juiste plek zouden aankomen. Na het zien van het Grace centre wilde
de vrouw toch wel bij haar kind blijven om het te voeden totdat er adoptieouders
zijn gevonden. De volgende dag zal ze een gesprek met een psycholoog hebben om te
overleggen over de adoptie. Hopelijk kunnen ze haar overtuigen dat het beter is
een nieuwe start samen met haar kind te maken, met ondersteuning van het Grace centre.
Op sommige dagen kun je de deur enkel intrappen.
woensdag 6 maart 2013
Tella
Op een van de vele feestdagen was ik
uitgenodigd voor een lunch bij de secretaresse van de kliniek. Met een
paar collega´s propten we ons in een bajaj. Na een halve kilometer
moesten we er weer uit. De bajaj bestuurder wilde een andere kant
op dan wij in gedachten hadden. Op zoek naar een volgende dan maar.
Helaas geen vervoer te krijgen. Of er waren door de feestdag minder
bajaj op de weg of er waren meer mensen die van de bajaj gebruik
wilden maken, wij moesten in ieder geval te voet verder. Het was
bijna een half uur lopen onder de brandende zon, met een lege maag.
Eindelijk op de plaats van bestemming aangekomen, een lemen huis
gevuld met heel veel mensen, kon ik alleen nog maar aan drinken
denken. Wat had ik zin in een colaatje. Helaas werd er alleen maar
water en tella rondgedeeld. Het water komt hier meestal uit een
jerrycan en dat is niet altijd even goed voor je maag, daarom vroeg ik
uit pure nood maar om een glaasje tella. Het bruine vocht, dat eruit
ziet als slootwater, is het lokale bier. Nadat ik de eerste slok had
genomen herinnerde ik weer dat het ook smaakt naar slootwater. Het
lokale bier kun je thuis maken en het gehele proces duurt een kleine
twee weken. Een glaasje tella kun je dan ook niet laten staan. En zo
dronk ik me met elke slok moet in voor de volgende slok. Tussendoor
keek ik eens om me heen en zag ik daar toch onze twee zwangere
collega´s ook het lokale bier achterover slaan. Zo tactisch mogelijk
en heel veel glimlachend vroeg ik hen waarom ze alcohol tijdens de
zwangerschap dronken. Gewoon omdat ze het erg lekker vonden.
Langzaam kreeg ik het besef dat wanneer deze collega´s wel van een glaasje
hielden, de gemiddelde zwangere patiënt in de kliniek dat ook wel zou doen.
En zo vroeg ik bij de eerst volgende patiënt die in de ochtend over ernstige
hoofdpijn klaagde of ze misschien een glaasje tella had gedronken de vorige
avond. Wel een paar was het antwoord.
Wat een lunch tijdens een van de vele feestdagen al aan nieuw
voorlichtingsmateriaal voor de kliniek kan opleveren.
Daar moet op gedronken worden.
uitgenodigd voor een lunch bij de secretaresse van de kliniek. Met een
paar collega´s propten we ons in een bajaj. Na een halve kilometer
moesten we er weer uit. De bajaj bestuurder wilde een andere kant
op dan wij in gedachten hadden. Op zoek naar een volgende dan maar.
Helaas geen vervoer te krijgen. Of er waren door de feestdag minder
bajaj op de weg of er waren meer mensen die van de bajaj gebruik
wilden maken, wij moesten in ieder geval te voet verder. Het was
bijna een half uur lopen onder de brandende zon, met een lege maag.
Eindelijk op de plaats van bestemming aangekomen, een lemen huis
gevuld met heel veel mensen, kon ik alleen nog maar aan drinken
denken. Wat had ik zin in een colaatje. Helaas werd er alleen maar
water en tella rondgedeeld. Het water komt hier meestal uit een
jerrycan en dat is niet altijd even goed voor je maag, daarom vroeg ik
uit pure nood maar om een glaasje tella. Het bruine vocht, dat eruit
ziet als slootwater, is het lokale bier. Nadat ik de eerste slok had
genomen herinnerde ik weer dat het ook smaakt naar slootwater. Het
lokale bier kun je thuis maken en het gehele proces duurt een kleine
twee weken. Een glaasje tella kun je dan ook niet laten staan. En zo
dronk ik me met elke slok moet in voor de volgende slok. Tussendoor
keek ik eens om me heen en zag ik daar toch onze twee zwangere
collega´s ook het lokale bier achterover slaan. Zo tactisch mogelijk
en heel veel glimlachend vroeg ik hen waarom ze alcohol tijdens de
zwangerschap dronken. Gewoon omdat ze het erg lekker vonden.
Langzaam kreeg ik het besef dat wanneer deze collega´s wel van een glaasje
hielden, de gemiddelde zwangere patiënt in de kliniek dat ook wel zou doen.
En zo vroeg ik bij de eerst volgende patiënt die in de ochtend over ernstige
hoofdpijn klaagde of ze misschien een glaasje tella had gedronken de vorige
avond. Wel een paar was het antwoord.
Wat een lunch tijdens een van de vele feestdagen al aan nieuw
voorlichtingsmateriaal voor de kliniek kan opleveren.
Daar moet op gedronken worden.
dinsdag 19 februari 2013
Alledaagse dingen
Maandagochtend acht uur. Gehaast pak ik de laatste spullen bij elkaar
sla de deur achter me dicht en spring op de fiets. Precies op tijd heeft
de bewaker het hek open zodat ik niet af hoef te remmen voordat ik de
onverharde weg omhoog op cross.
Korte tijd later arriveer ik bij de Kliniek.
Aan het aantal mensen dat buiten op de bankjes zit, vermoed
ik dat er een vrouw aan het bevallen is. In de dienstkamer gooi ik
mijn tas neer en pak mijn werkjas. Nog snel een paar kleine
biscuitjes naar binnen werken waarop de binnenkomende schoonmaakster
vraagt of ik niet ontbeten heb. Ik was inderdaad iets te laat
opgestaan vanmorgen en moest tijdens mijn fietstocht nog even snel
een paar koekjes bij een van de winkeltjes aan de straat kopen.
Na dit verantwoorde ontbijt loop ik naar de verloskamer waar een vrouw
aan het bevallen is van haar tweede kind.
Ze maakt nogal veel lawaai vindt de verloskundige en die spreekt haar
duidelijk toe. Ik vind het allemaal nog wel meevallen.
Korte tijd later bevalt de vrouw van een jongen met een goede start.
Door de bevalling is de maandagochtend overdracht erbij ingeschoten.
De verloskundige van het zwangere spreekuur is dezelfde als die van de bevalling.
Zij haast zich naar de spreekkamer waar al zeker vier vrouwen meer dan een
uur zitten te wachten.
We zijn nog geen half uur onderweg of worden door de schoonmaakster gevraagd
om bij de zojuist bevallen vrouw te komen kijken. Ze verliest wat ruim bloed.
We onderzoeken haar en het blijkt dat de baarmoeder niet goed wil samentrekken.
,Dan gaan we katheteriseren` zeg ik. ,Ze kan toch gewoon zelf plassen´
zegt de verloskundige en hijst de vrouw op haar hurken op het bed en
schuift er een plastic po onder. En inderdaad de vrouw kan prima zelf plassen.
We geven haar nog wat extra medicatie en het lijkt weer onder controle.
Terug naar de spreekkamer met elk kwartier een onderbreking om de conditie van
de bevallen vrouw te beoordelen. Ze blijft toch net wat ruimer vloeien en nu
gaat er toch echt een infuus en een katheter in. In de tijd dat ik het
infuussysteem en onze zelf gemaakte katheterzak heb gefixed kan de
verloskundige nog precies een patiënt op het spreekuur zien.
Als een vrouw hier ruim vloeit is het gemis aan matjes en kraamverbanden nog
groter dan bij normaal bloedverlies. Het bloed stroomt waar het maar gaan kan,
over onder meer het matras, de lakens en de vloer.
Inmiddels is de lunchtijd al een halfuur geleden ingegaan en die is hier heilig.
Net zo heilig als het half uur dat de lunchtijd op vrijdag eerder ingaat zodat
de moslims naar de moskee kunnen gaan. Ook elke niet moslim kapt er op vrijdag
een half uur eerder mee.
Er zitten nog een paar patiënten te wachten voor een zwangerschapscontrole
maar de verloskundige piekert er niet over die nu nog te gaan zien.
Na de lunch zijn ze de eerste.
Ik werk inmiddels ook met een zeer laag bloedsuiker en ga er dan ook niet tegen in.
Op de fiets naar huis voor een propere lunch. De Nederlandse krant downloaden
en heel even relaxen. Daarna werk ik nog een tijdje aan protocollen en tegen
vier uur wil ik weer op de fiets stappen om nog even te kijken hoe het in de kliniek gaat.
Helaas band lek en de andere fiets in gebruik dus maar met de bajaj.
Bij de kliniek aangekomen wordt net de laatste zwangere op het
spreekuur gezien en ik neem nog even een kijkje bij de patiënte die
vanmorgen bevallen is. Een stralende vrouw zit op het bed. Ze voelt
zich prima, het bloedverlies is normaal en ze geniet van haar zoon.
Het eerste levende kind voor deze vrouw nadat ze bij haar vorige
zwangerschap beviel van een tweeling, waarvan de eerste tijdens de
bevalling overleed en de tweede korte tijd daarna.
Aan het einde van deze dag komt er nog een man de nieuwe autoclaaf aansluiten.
Erg fijn omdat de huidige sterilisator niet helemaal meer goed werkt.
En zonder gesteriliseerde instrumenten is het werk toch minder plezant.
Terug naar huis met de bajaj.
Morgen weer een nieuwe werkdag.
zaterdag 9 februari 2013
Babylonische spraakverwarring
Een van de eerste dagen vroeg ik aan een verloskundige waar ze precies woonde. Daarop kreeg ik als antwoord dat het inderdaad heerlijk weer was.
Het blijft lastig om in een land te wonen waar veel mensen slecht Engels spreken. Er wordt op alle middelbare scholen in Ethiopië Engelse les gegeven en afhankelijk
van de leraar, leer je wel of niet de taal goed te beheersen. Sommige leraren beheersen het Engels zelf zo slecht dat het begrijpelijk is dat de leerlingen er ook niet veel van bakken. Gelukkig zijn er ook bekwame leraren en leerlingen en verbaast het me soms dat op de gekste plekken wel weer goed Engels wordt gesproken. Zoals in het kleine winkeltje waar ik mijn witte bolletje voor de lunch koop.
Om nog maar wat mooie voorbeelden te noemen van prachtig Engels. Op straat wordt ik heel vaak aangeroepen met mister (meneer) en iedereen roept where are you go (waar ga je naar?). De jongen die gisteren mijn fietsband repareerde vroeg, toen ik aan kwam lopen en naar mijn lekke band wees; ,It needs oxygen?” (het heeft zuurstof nodig?). Nog wel iets meer dan een beetje zuurstof, antwoordde ik en zette mijzelf neer op de kleine boomstronkjes die als bankje functioneren.
Vanmorgen op het spreekuur vertelde een zwangere in het Amhaars dat haar eerste kind overleden was. Waarop de verloskundige naar mij vertaalde, first child is expired (het eerste kind is verlopen/over de datum) Ik dacht, je moet ook niet wachten tot de uiterste houdbaarheidsdatum verstreken is. Even later verscheen een andere vrouw voor een nacontrole. Ik vroeg aan de verloskundige of dit haar eerste kind was. Ja, zei ze het is haar eerste kind. De status van deze vrouw verscheen en ik las dat ze haar zesde kind had gekregen.
Wat ook verwarring geeft is vragen die met enkel ja of nee beantwoordt worden. Bijvoorbeeld als ik vraag: ,,Is die mevrouw er nog steeds zo slecht aan toe"? dan krijg ik hier als antwoordt nee. Dan zou je denken dat mevrouw er inmiddels beter aan
toe is maar dat bedoelen ze nou net niet te zeggen. Ze bedoelen nee mevrouw is er nog steeds slecht aan toe. In het Nederlands verwacht je dat iemand bevestigend antwoordt. Ja, mevrouw is er nog steeds zo slecht aan toe. Na een antwoordt als dit herhaal ik vervolgens nog wel drie keer de vraag in een andere constructie. Uiteindelijk kom ik er dan achter dat hetgeen je veronderstelde inderdaad klopt. Het gaat nog niet zo goed met mevrouw.
Zo grappig als ik de Engelse uitspraken van de Ethiopiërs soms vindt zo gelachen wordt er ook om mijn eerste Amhaarse woorden. Er klopt meestal bar weinig van de woorden en de zinsconstructies die ik gebruik.
Nu hoop ik alleen dat mensen wel corrigeren als het niet klopt. Er werkte al eens iemand in Ethiopië die jaren lang aan zijn patiënten vroeg; ,,Als jij niest, verlies ik dan urine?”.
Ieder zijn eigen taal lolletje.
zaterdag 2 februari 2013
Mijn Paleis
Niet eerder heb ik in Ethiopië in zo´n heerlijk huis gewoond.
Vorig jaar nog had ik een kamer waar geen gordijnen voor de ramen hingen en de deur
alleen dicht bleef als ik er een steen tegenaan legde.
Nu heb ik meerdere kamers, gordijnen voor de ramen en een deur die op slot kan worden gedraaid.
Het huis bevind zich op ongeveer 10-15min. fietsen vanaf de kliniek. Tien minuten als
mijn banden opgepompt zijn en 15 als ze een paar dagen later weer deels zijn leeg gelopen.
Het onderkomen wordt omheind door hoge muren en een heuse wachttoren. Dag en nacht worden ik en het huis bewaakt. Mocht je door de bewakers worden binnengelaten dan verschijnt er een ruime oprit waarlangs een enkele struik en twee papayabomen staan. Het grote huis waarin ik woon bestaat uit een ruime woonkamer met een aparte keuken, er is zelfs een oven. Er zijn drie slaapkamers en twee badkamers in het huis. Erg ruim en ik mag dan ook binnenkort het huis gaan delen met andere buitenlandse vrijwilligers die voor korte projecten in Bahir Dar verblijven. Terug naar het studentenleven.
Achter het grote huis staat het gastenverblijf waarin naast twee slaapkamers ook het
kantoor van de huis manager zich bevind. Van daaruit runt hij een microfinancierings
project.
Het enige nadeel aan het huis is dat er in theorie warm water moet zijn. Maar of de
waterdruk is gewoon niet goed genoeg of de boiler hangt te laag, het water uit de
douche is in ieder geval altijd koud. En al ren ik eerst een half uur door het Ethiopisch land, het blijft letterlijk en figuurlijk een koude douche. Wanneer ik tijd heb, kook ik water en ga ik maar weer ouderwets douchen door middel van het mengen van bakjes met heet en koud water.
Naar goed Ethiopisch gebruik heb je bij een bovenmodaal inkomen of wanneer je er bovenmodaal uitziet, een schoonmaakster, wasvrouw, tuinman, klusjesman en kok in dienst. Emebet is 22, een werkloze onderwijzeres, en zij vervult al deze diensten in één persoon. Wel zo makkelijk en één iemand die in het huis rondsnuffelt vind ik wel genoeg. Naast het wassen en koken doet ze ook de boodschappen en brengt ze mijn fiets naar de jongens aan het eind van de straat om mijn band voor de zoveelste keer te laten repareren. Voor mij scheelt dit een heleboel wachten en onderhandelen over de prijs van aardappels/rijst en bandenplak.
In het begin voelde ik me een heel klein beetje opgelaten met het idee dat zij mijn troep opruimt en boodschappen doet. Maar toen mijn Ethiopische vrienden verklaarde dat ze zeer bovenmodaal verdient voor de werkzaamheden die ze doet, voelde ik me heel wat minder schuldig.
Het is zeg maar een win-win situatie. Zij een goed salaris en ik geen schuldgevoel.
Alles is te koop.
vrijdag 25 januari 2013
De eerste bevalling
Verloskamer
Dat was me er wel een. Wat heb ik hard gebeden dat dit goed zou aflopen.
Het begon op een rustige ochtend in de kliniek. Na de overdracht hadden we een patiënt gezien op het zwangerenspreekuur en in afwachting van de volgende zaten we buiten het gebouw met ons gezicht naar de zon gekeerd.
Er kwam een bajaj aangereden, de lokale taxi, een klein bromvoertuig waar drie passagiers in kunnen worden vervoerd. (als de politie slaapt kunnen er ook wel vier of vijf mensen in) Uit de bajaj stapte twee mensen en een hoogzwangere vrouw. Met moeite betrad ze de kliniek, ze was aan het bevallen. Ze was voor zwangerschaps-controles geweest en haar status werd opgezocht. Een van de verloskundige onderzocht de vrouw. De vrouw had goede weeën en de hartslag van de baby was prima. In het dossier zag ik dat de vrouw aan het bevallen was van haar tweede kind en dat ze nog maar 35 weken was. De uitgerekende datum was doorgestreept en een maand verder
verplaatst. Ik keek eens naar de buik van de vrouw en die leek meer 39 weken dan 35.
De verloskundige deed een inwendig onderzoek en keek me vragend aan. Ze dacht een navelstreng/arm of iets anders te voelen, de vliezen waren nog niet gebroken. Ik
beoordeelde mee, naast 8 centimeter ontsluiting voelde ik een voet en een stuit maar wat voelde het klein in verhouding, er klopte iets niet. De verloskundige stelde voor een ambulance te bellen en de vrouw naar het ziekenhuis te sturen. Bel maar zei ik, wetende dat die ambulance nooit op tijd zal komen. Tergend langzaam werden er
spullen klaargezet voor een bevalling onder onze begeleiding. Er kwam nog een verloskundige bij, dus waren we met zijn drieën. We gaven de vrouw een infuus en ik vroeg om een blaaskatheter, die bleek er niet te zijn. Van een infuussysteem kun je ook een katheter maken maar die moest nog wel even gehaald worden.
Daar braken de vliezen al, nu gaan we het beleven dacht ik. Het is zeker meer dan een jaar geleden dat ik een stuit heb aangepakt en moest het dus nu puur van het oefenen op het fantoom hebben. Ik voelde me enigszins gerustgesteld bij het idee dat de andere twee verloskundige wel veel stuiten hebben aangepakt maar aan hun houding was mij duidelijk dat ik de bevalling moest gaan begeleiden. Binnen een wee zag ik een voetje en een stuit verschijnen en terwijl ik naar het kleine voetje keek wist ik het: dit is een tweeling! Als dit maar geen locked twin wordt was het enige wat ik kon denken. De stuit werd vlot geboren en ook het hoofd volgde snel. Er werd een huilend meisje geboren van 1800 gram. De hartslag van de tweede klonk erg laag, geen idee hoe lang dit al zo was. Gelukkig werd het tweede kind binnen tien minuten geboren, in hoofdligging. Na een paar beademingen kwam het vlot bij, een jongetje van 2000 gram.
Wat waren wij alle drie opgelucht. We hadden een top samenwerking gehad tijdens deze bevalling. Deze bevalling hadden wij liever niet in onze kliniek willen hebben maar helaas is dit hier soms wel de realiteit.
Laat die gynaecoloog en operatiekamer nu maar snel komen.
Kliniek
Spreekuur
Voorraadkast
Dat was me er wel een. Wat heb ik hard gebeden dat dit goed zou aflopen.
Het begon op een rustige ochtend in de kliniek. Na de overdracht hadden we een patiënt gezien op het zwangerenspreekuur en in afwachting van de volgende zaten we buiten het gebouw met ons gezicht naar de zon gekeerd.
Er kwam een bajaj aangereden, de lokale taxi, een klein bromvoertuig waar drie passagiers in kunnen worden vervoerd. (als de politie slaapt kunnen er ook wel vier of vijf mensen in) Uit de bajaj stapte twee mensen en een hoogzwangere vrouw. Met moeite betrad ze de kliniek, ze was aan het bevallen. Ze was voor zwangerschaps-controles geweest en haar status werd opgezocht. Een van de verloskundige onderzocht de vrouw. De vrouw had goede weeën en de hartslag van de baby was prima. In het dossier zag ik dat de vrouw aan het bevallen was van haar tweede kind en dat ze nog maar 35 weken was. De uitgerekende datum was doorgestreept en een maand verder
verplaatst. Ik keek eens naar de buik van de vrouw en die leek meer 39 weken dan 35.
De verloskundige deed een inwendig onderzoek en keek me vragend aan. Ze dacht een navelstreng/arm of iets anders te voelen, de vliezen waren nog niet gebroken. Ik
beoordeelde mee, naast 8 centimeter ontsluiting voelde ik een voet en een stuit maar wat voelde het klein in verhouding, er klopte iets niet. De verloskundige stelde voor een ambulance te bellen en de vrouw naar het ziekenhuis te sturen. Bel maar zei ik, wetende dat die ambulance nooit op tijd zal komen. Tergend langzaam werden er
spullen klaargezet voor een bevalling onder onze begeleiding. Er kwam nog een verloskundige bij, dus waren we met zijn drieën. We gaven de vrouw een infuus en ik vroeg om een blaaskatheter, die bleek er niet te zijn. Van een infuussysteem kun je ook een katheter maken maar die moest nog wel even gehaald worden.
Daar braken de vliezen al, nu gaan we het beleven dacht ik. Het is zeker meer dan een jaar geleden dat ik een stuit heb aangepakt en moest het dus nu puur van het oefenen op het fantoom hebben. Ik voelde me enigszins gerustgesteld bij het idee dat de andere twee verloskundige wel veel stuiten hebben aangepakt maar aan hun houding was mij duidelijk dat ik de bevalling moest gaan begeleiden. Binnen een wee zag ik een voetje en een stuit verschijnen en terwijl ik naar het kleine voetje keek wist ik het: dit is een tweeling! Als dit maar geen locked twin wordt was het enige wat ik kon denken. De stuit werd vlot geboren en ook het hoofd volgde snel. Er werd een huilend meisje geboren van 1800 gram. De hartslag van de tweede klonk erg laag, geen idee hoe lang dit al zo was. Gelukkig werd het tweede kind binnen tien minuten geboren, in hoofdligging. Na een paar beademingen kwam het vlot bij, een jongetje van 2000 gram.
Wat waren wij alle drie opgelucht. We hadden een top samenwerking gehad tijdens deze bevalling. Deze bevalling hadden wij liever niet in onze kliniek willen hebben maar helaas is dit hier soms wel de realiteit.
Laat die gynaecoloog en operatiekamer nu maar snel komen.
Kliniek
Spreekuur
Voorraadkast
zaterdag 19 januari 2013
de kliniek
Op woensdagochtend, acht uur lokale tijd landde ik in Bahir Dar, een groene stad aan het Tana meer. Een stad met ongeveer 180.000 inwoners.
In de middag ga ik naar de kliniek die voorlopig mijn werkplek is. Een onderdeel van een oud gezondheidscentrum. En oud is het, maar best aardig schoon. Ik schrok niet eens zo heel erg toen ik zag hoe het eruit zag. Een heel klein verloskamertje met een verlosbed waar een vrouw alleen maar in de beensteunen kan liggen. Verder staat er een weegschaal en een vacuumpomp die met de voet aangedreven kan worden zodat er voor het gebruik geen elektriciteit nodig is.
Naast de verloskamer bevindt zich een klein kamertje waar de instrumenten schoon gemaakt kunnen worden en een doos met schone lakens, dekens en pyjama´s voor de patiënten. Het instrumenten schoonmaak systeem is als overal. Tien minuten in een emmer met berkina 5% chloor, dan in een emmer met omo en afsluitend in een emmer met water om het af te spoelen. Even drogen en het kan naar de sterilisator die ergens anders in het gezondheidscentrum staat.
Bij de verloskamer is een vrij donkere kamer met 3 bedden waar de patiënten kunnen verblijven voor en na de bevalling. Aangrenzend een kleine badkamer met een koude douche,wasbak en toilet, er is stromend water!
Dan is er nog de spreekkamer waar de zwangerschapscontroles en ochtend-besprekingen plaatsvinden. Verderop in het gezondheidscentrum bevind zich nog een spreekkamer voor familyplanning en een kamer waar de administratie wordt gedaan.
Er zijn vijf verloskundigen, een manager, een secretaresse en twee schoonmakers. Mijn eerste indruk van de verloskundigen is dat ze gemotiveerd zijn en vriendelijk voor
de patiënten. Ze hebben ook allemaal een aantal jaren werkervaring. Een leuk team om mee te mogen werken. Ik denk dat we veel van elkaar kunnen leren, al is de communicatie in het engels niet altijd optimaal.
Binnenkort moet er begonnen worden met de renovatie van het gebouw dat iets verderop staat. Nu een administratie kantoor van het gezondheidscentrum, straks de voorlopige plek van onze maternity kliniek. Daar kunnen veel meer bedden in en er wordt een doorloop gemaakt naar het volgende administratie gebouw waar dan de tijdelijke operatiekamer komt. Deze gebouwen worden gebruikt totdat de nieuwe maternity kliniek gebouwd is.
Eerst moeten de mensen uit het administratiegebouw. Dat wordt mijn eerste uitdaging.
In de middag ga ik naar de kliniek die voorlopig mijn werkplek is. Een onderdeel van een oud gezondheidscentrum. En oud is het, maar best aardig schoon. Ik schrok niet eens zo heel erg toen ik zag hoe het eruit zag. Een heel klein verloskamertje met een verlosbed waar een vrouw alleen maar in de beensteunen kan liggen. Verder staat er een weegschaal en een vacuumpomp die met de voet aangedreven kan worden zodat er voor het gebruik geen elektriciteit nodig is.
Naast de verloskamer bevindt zich een klein kamertje waar de instrumenten schoon gemaakt kunnen worden en een doos met schone lakens, dekens en pyjama´s voor de patiënten. Het instrumenten schoonmaak systeem is als overal. Tien minuten in een emmer met berkina 5% chloor, dan in een emmer met omo en afsluitend in een emmer met water om het af te spoelen. Even drogen en het kan naar de sterilisator die ergens anders in het gezondheidscentrum staat.
Bij de verloskamer is een vrij donkere kamer met 3 bedden waar de patiënten kunnen verblijven voor en na de bevalling. Aangrenzend een kleine badkamer met een koude douche,wasbak en toilet, er is stromend water!
Dan is er nog de spreekkamer waar de zwangerschapscontroles en ochtend-besprekingen plaatsvinden. Verderop in het gezondheidscentrum bevind zich nog een spreekkamer voor familyplanning en een kamer waar de administratie wordt gedaan.
Er zijn vijf verloskundigen, een manager, een secretaresse en twee schoonmakers. Mijn eerste indruk van de verloskundigen is dat ze gemotiveerd zijn en vriendelijk voor
de patiënten. Ze hebben ook allemaal een aantal jaren werkervaring. Een leuk team om mee te mogen werken. Ik denk dat we veel van elkaar kunnen leren, al is de communicatie in het engels niet altijd optimaal.
Binnenkort moet er begonnen worden met de renovatie van het gebouw dat iets verderop staat. Nu een administratie kantoor van het gezondheidscentrum, straks de voorlopige plek van onze maternity kliniek. Daar kunnen veel meer bedden in en er wordt een doorloop gemaakt naar het volgende administratie gebouw waar dan de tijdelijke operatiekamer komt. Deze gebouwen worden gebruikt totdat de nieuwe maternity kliniek gebouwd is.
Eerst moeten de mensen uit het administratiegebouw. Dat wordt mijn eerste uitdaging.
Abonneren op:
Posts (Atom)